Kort antwoord: zie elk rendementsgetal als een bewering die de aanbieder moet onderbouwen. Vraag waar het getal vandaan komt, wat je kunt verliezen, hoe je weer uitstapt, hoe afhankelijk je wordt van de partij achter het voorstel en wie welke kosten betaalt. Krijg je geen schriftelijk antwoord dat je kunt controleren, dan weet je genoeg.
Dit artikel geeft je de vragen per onderwerp, de druktechnieken waar de AFM voor waarschuwt en een korte checklist voor vandaag. Wil je daarna aanbieders naast elkaar leggen, lees dan ook hoe je een Bol-partnership kiest die bij je past.
Waarom je bij een rendementsbelofte eerst vragen stelt
De AFM is duidelijk over voorstellen die te mooi klinken om waar te zijn: dat zijn ze waarschijnlijk ook, en de kans is groot dat je veel geld verliest. Dat staat op de AFM-pagina over dubieuze beleggingsvoorstellen. Malafide partijen beloven volgens de toezichthouder snel rendement en proberen je meteen tot een beslissing te dwingen.
Ook bij eerlijke aanbieders geldt een vuistregel uit de praktische checklist bij beleggen van de AFM: hoe hoger het voorgespiegelde rendement, hoe groter het risico. Het kan altijd minder goed gaan dan gepland, en je kunt een deel of zelfs al je inleg verliezen. Die checklist gaat over beleggen, maar dezelfde logica geldt voor geld dat je in voorraad, een merk of een samenwerking steekt: niemand kan vooraf garanderen hoeveel een product gaat verkopen.
Zeven vragen die een belofte toetsen
1. Waar komt het getal vandaan?
Vraag of het om een behaald resultaat gaat of om een rekenvoorbeeld. Gaat het om een behaald resultaat, dan wil je weten over welke periode, bij hoeveel ondernemers, en of het om omzet gaat of om wat er overblijft na inkoop, platformkosten, advertenties en retouren. Omzet is geen winst. De AFM noemt een treffend voorbeeld: zegt iemand dat een fles wijn van €4 over tien jaar €580 waard is, dan wil je weten hoe dat kan. Kan een aanbieder niet uitleggen hoe een getal tot stand komt, dan raadt de AFM aan het voorstel te laten liggen.
2. Wat kun je verliezen, en wanneer?
Vraag welk deel van je geld een vergoeding voor diensten is en welk deel werkkapitaal, zoals voorraad en advertentiebudget. Vraag daarna per deel wat je terugziet als het product tegenvalt, wat er gebeurt met voorraad die blijft liggen en wie besluit om af te prijzen of te stoppen. De AFM adviseert om alleen te beleggen met geld dat je niet direct nodig hebt. Reken daarom ook een scenario door waarin je inleg niet terugkomt, en beslis pas als je dat kunt dragen.
3. Hoe stap je weer uit?
Geld in voorraad of in een lopend merk haal je niet met één klik terug. De AFM rekent bij beleggen met minimaal drie tot vijf jaar en noemt korte termijnwinst al snel gokken. Vraag dus vooraf: wat is de opzegtermijn, wat gebeurt er bij stoppen met de voorraad, het verkoopaccount, de merknaam en de contacten met leveranciers, en kun je je bedrijf of je deel verkopen? Van een goede aanbieder krijg je een uitstapregeling per onderdeel, niet alleen een geruststellend gesprek.
4. Hoe afhankelijk word je van de partner?
Vraag op wiens naam het verkoopaccount, het merk, het domein en de contracten met leveranciers staan. Wie heeft de inloggegevens en de verkoopdata? Wat gebeurt er als de partner stopt, de samenwerking opzegt of zijn verplichtingen niet nakomt: kun je het werk dan overdragen aan iemand anders? Hoe je eigendom en taken helder verdeelt, lees je in wie waarvoor verantwoordelijk is als je een merk laat bouwen.
5. Wie verdient wat, ook als het tegenvalt?
Vraag hoe de partner wordt betaald: een vast bedrag, een percentage van de omzet of een deel van de winst. Elk model legt het risico anders neer. Over een percentage van de omzet betaal je ook als er onder de streep niets overblijft. De AFM wijst erop dat kosten een groot effect kunnen hebben op je uiteindelijke rendement en dat je ze ook betaalt als het rendement tegenvalt. Vraag dus alle kosten op papier en reken uit of ze in verhouding staan tot wat je realistisch kunt verdienen.
6. Wat is de juridische structuur, en wie is aansprakelijk?
Vraag op wiens naam het bedrijf staat, wie aansprakelijk is voor de producten, wie de belastingaangiften doet en wie de contracten met leveranciers tekent. Vraag ook wat je precies koopt: een dienst, een product of een deel van een opbrengst. Volgens de AFM moeten financiële ondernemingen die producten of advies aanbieden een vergunning hebben. Twijfel je of een voorstel daaronder valt, laat het contract dan lezen door een jurist of financieel adviseur voordat je tekent.
7. Hoe ziet de cashflow eruit?
Vraag wanneer er geld uitgaat, bijvoorbeeld voor inkoop, verzending en advertenties, en wanneer er geld terugkomt. Tussen die momenten zit vaak een gat dat je zelf moet overbruggen. Hoe je dat plant, staat in cashflowplanning voor je productmerk en voorraad.
Herken de druktechnieken
De AFM beschrijft vier trucs die je ook buiten beleggingen tegenkomt:
- De bekende Nederlander: een bekend gezicht prijst iets aan in een advertentie, maar die advertentie is nep.
- Nu of nooit: je moet snel beslissen, anders mis je de kans.
- De vergunning: de aanbieder suggereert dat de AFM enthousiast is. De AFM geeft echter nooit een positief advies over een belegging.
- Wil je niet rijk worden? De AFM is daar kort over: makkelijk rijk worden bestaat niet.
In een persbericht van 29 september 2026 waarschuwt de AFM ook voor content achter een betaalmuur, zoals besloten groepen, betaalde cursussen en online communities. In zo'n omgeving kun je sterker beïnvloed worden en heb je minder zicht op de kwaliteit van de informatie. Zit jij in zo'n groep? Toets aanbevelingen daar dan net zo kritisch als een advertentie.
| Wat je hoort | Wat je vraagt | Een goed antwoord |
|---|---|---|
| Een vast rendementspercentage | Is dit behaald of een rekenvoorbeeld, over welke periode en na welke kosten? | Bronnen en periode op papier, inclusief de tegenvallers |
| Je hoeft er niets voor te doen | Wie beslist wat, en wat moet ik zelf goedkeuren? | Een rolverdeling die in het contract staat |
| Beslis vandaag nog | Kan ik bedenktijd nemen en het contract laten lezen? | Ruimte om rustig te controleren |
| Je zit nergens aan vast | Wat gebeurt er met voorraad, account en merk als ik stop? | Een uitstapregeling per onderdeel |
| Er is geen risico | Wat ben ik kwijt als alles tegenvalt? | Een eerlijk verliesscenario |
Wat je vandaag kunt doen
- Zoek de aanbieder op in de waarschuwingslijst en de registers via de consumentenpagina van de AFM. Let op: volgens de AFM betekent een vergunning wel dat er toezicht is, maar geen garantie dat je je geld niet kwijtraakt.
- Vraag elk antwoord op de zeven vragen schriftelijk. Zo kun je de antwoorden van verschillende aanbieders vergelijken en houd je ze aan hun woord.
- Vergelijk meerdere aanbieders en lees de voorwaarden, ook de kleine lettertjes. Dat raadt de AFM aan, omdat aanbieders echt van elkaar verschillen.
- Spreid je risico: zet niet al je vermogen in één project. Ook dat staat in de checklist van de AFM.
Deze vragen kun je aan elke aanbieder stellen, ook aan Business Mine. Overweeg je een Partnership, dan zie je in het verschil tussen Premium en Ultra Partnership™ in rol en budget welke vragen voor jouw situatie het zwaarst wegen.





